Onderhoudskosten kapitaalgoederen zijn uitgaven om de kwaliteit van gemeentelijk eigendom dat vele jaren meegaat op een van tevoren vastgesteld onderhoudsniveau te houden of terug te brengen.
Het achterstallig onderhoud wordt in maximaal tien jaar weggewerkt.
Voor onderwijshuisvesting geldt dat het onderhoud nagenoeg geheel voor rekening van de scholen komt.
We onderscheiden groot onderhoud en klein onderhoud. Groot en klein onderhoud hebben geen invloed op de gebruiksduur van een gebouw of object. Al het groot en klein onderhoud wordt opgenomen in een meerjarige onderhoudsplanning.
Bij klein onderhoud gaat het om dagelijkse reparaties en kort-cyclisch onderhoud. De kosten ervan komen ten laste van de exploitatie.
Bij het maatschappelijk vastgoed onderscheiden we correctief, preventief en planmatig onderhoud, waarbij correctief en preventief onderhoud onder de noemer klein onderhoud vallen. Planmatig onderhoud valt onder de noemer groot onderhoud.
De noodzaak tot groot onderhoud ontstaat over een langere periode en is ingrijpender van aard. Schommelingen in de uitgaven voor groot onderhoud tussen de jaren worden opgevangen binnen de egalisatievoorzieningen voor groot onderhoud.
Wanneer een aanpassing leidt tot een belangrijke kwaliteitsverbetering en/of een significant langere gebruiksduur, wordt het niet gerekend tot groot onderhoud, maar is het een investering die geactiveerd wordt. Voor verdere toelichting zie Paragraaf Investeringen. Hier vindt u ook de projecten op het gebied van vervangingsinvesteringen.
Deze pagina is gebouwd op 05/18/2026 08:30:04 met de export van 05/13/2026 17:52:13